Content Top
    • JVT verslag sociale GNK
      Print Print
    • Geschreven door Nyanza Timmers op zaterdag, 19 mei 2012 10:25
    •  

      Deze evaluatie gaat over de periode september 2010 tot maart 2011. Het co-schap werd gemiddeld met een 7.1 beoordeeld, iets lager dan vorig jaar (7,4). Het verslag is zo gestructureerd dat er eerst een algemene evaluatie volgt en daaronder de uitsplitsing per co-schapplaats wordt besproken.

      Algemeen
      De grootste verandering met betrekking tot het vorig jaar is dat co-assistenten ter plekke loten om de co-schapplaatsen en niet meer van tevoren een plaats kunnen reserveren. De co-assistenten vinden de informatie over hun stageplaats (naam begeleider, wanneer waar moeten zijn) toereikend. De blokboeken per stageplaats zijn nog niet vernieuwd, vandaar dat co-assistenten daar nog niet tevreden over zijn. De opdrachten zijn nog steeds verouderd (Bedrijfsgeneeskunde) en doordat er minder onderwerpen worden behandeld in het voorbereidend blok, wordt ook niet elke stageplaats ingeleid met een college. Met name bij minder bekende co-schapplaatsen, zoals ‘Arts Verstandelijk Gehandicapten’, zou meer informatie vooraf, desnoods in de vorm van literatuursuggesties, de co-assistenten zich beter voorbereid laten voelen.
      Een kanttekening bij het schrijven van dit verslag is, dat de geplande veranderingen deels al wel, en deels nog niet zijn doorgevoerd.

      Werkzaamheden
      Op verschillende co-schapplekken wordt aangegeven dat bureauwerk weinig bijdraagt aan het leerproces (RAVU, Sportgeneeskunde Zeist). Op een aantal co-schapplekken wordt aangegeven dat er soms weinig te doen is, maar dat er door de begeleider dan actief wordt gezocht naar een vervangende activiteit. Door 53.6% van de co-assistenten werden er 6-14 patiënten gezien. Bij 15.5% was deze vraag niet van toepassing. Co-assistenten vonden het participeren en zelf uitvoeren van patiëntgebonden activiteiten leerzaam.  De meeste studenten waren 30-40 uur per week aanwezig op de stageplaats. De voorzieningen op de stageplaats waren goed.

      Eindtermen
      De co-assistenten hebben na dit co-schap het gevoel genoeg geleerd te hebben van de taak van een sociaal-geneeskundige op die specifieke werkplek. Ook hebben studenten het gevoel voldoende kennis te hebben opgedaan over de Sociaal geneeskundige wetgeving en het denken in Sociaal geneeskundige modellen. Dit is een verbetering ten opzichte van vorig jaar.

      Begeleiding
      Over het algemeen zijn co-assistenten tevreden over de begeleiding op de stageplaats en de samenwerking met andere disciplines. Ook zijn de stageplaatsen voldoende ingesteld op de participatie van co-assistenten.
      Portfolio
      Het portfolio wordt door de co-assistenten niet als een goed leerinstrument gezien. Men vond de opdrachten over het algemeen niet leerzaam (zie ook het kopje ‘Algemeen’ hierboven), mede doordat ze sterk verouderd zijn of niet aansluiten bij de werkzaamheden op de stageplaats (Defensie). De instellingen stellen zelf weer hun eigen opdrachten voor, zodat co-assistenten de extra verslagen uit het blokboek eigenlijk zonder reden maken, omdat ze niet worden nagekeken. Een oplossing hiervoor zou kunnen zijn, om nieuwe blokboeken te ontwikkelen samen met de stageplaatsen, zodat de opdrachten aansluiten bij de werkzaamheden op de stageplaats, en bij wat de begeleider op de stageplaats zou willen toetsen.
      Terugkomdag
      De MTE’s Ethiek en Gezondheidsrecht worden als zeer leerzaam ervaren. De andere MTE’s worden wisselend beoordeeld; sommige docenten zijn erg enthousiast, anderen zijn geneigd hun vakgebied te gaan verdedigen. Net als vorig jaar vinden de co-assistenten de eindpresentatie niet nuttig, en zijn ze zeer ontevreden over de beoordeling van de eindpresentaties. Er zijn verschillende beoordelaars die zeer uiteenlopende cijfers geven, en men vindt de 40% die de presentatie meetelt voor het eindcijfer veel te groot. Ook ondervindt men problemen bij de indeling: sommige co-assistenten moesten in een groepje presenteren waarvan de stageplekken slecht overeen kwamen (bijv. NZa, GGD, FSMI). Het zou een goed idee zijn de opzet en uitvoering van deze presentatie grondig te herzien. Wellicht dat met de invoer van de toets deze problemen al opgelost kunnen worden. Ook zou het een idee kunnen zijn om de beoordeling meer op de stageplaats zelf te concentreren, in plaats van dat centraal in Utrecht te doen.
      TLO
      TLO wordt met een 5.8 beoordeeld, lager dan vorig jaar. De organisatie en de docenten worden redelijk beoordeeld, alleen net als vorig jaar wordt het introductiecollege, de zelfstudie en de presentatie niet als nuttig ervaren. Het onderwerp ‘de relatie preventie-cure-care’ werd gemiddeld beoordeeld.
       
      Specifieke co-schapplaatsen
      Bij die co-schapgebieden waar meer dan 5 evaluaties zijn ingeleverd, is hieronder een beknopte samenvatting geplaatst.
      Arbodienst/Verzekeringsgeneeskunde (8 respondenten)
      Bij ArboNed wordt als verbeterpunt aangegeven dat de co-assistent graag wat meer zelfstandig zou willen doen. Bij de arbodienst van het UMC wordt de sfeer als prettig ervaren. Bij het UWV is het erg lastig dat er, net als vorig jaar, nog geen eigen computer voor de co-assistent is.

      Spoedzorg/GHOR (9)
      De co-assistenten vonden dit over het algemeen een zeer leuk co-schap. Bij de RAVU werd aangegeven dat 2 weken op kantoor niet erg nuttig waren voor het leerproces. De VZA werd zeer positief beoordeeld.

      Verpleeghuis (9)
      Dit co-schap vindt men over het algemeen erg leuk. Speciaal werden genoemd Beweging 3.0 en de Warande in Zeist. Co-assistenten voelden zich welkom.

      Verslavingszorg (9)

      Deze co-schapplaats werd als vernieuwend en veelzijdig omschreven. Co-assistenten vonden het leuk om eens met een andere tak van de gezondheidszorg mee te kijken. Wel zouden ze graag meer duidelijkheid krijgen met betrekking tot hun takenpakket.

      AGZ (6)
      Over deze stageplaatsen komen geen duidelijke tips of tops naar voren.

      JGZ (15)
      Het zou handig zijn als er bij Vitras Houten een eigen spreekkamer voor de co-assistent zou zijn. In het algemeen werd deze co-schapplek wisselend beoordeeld. Het beoordelingsformulier werkt op deze stageplaats onprettig.

      Defensie (6)
      De co-assistenten hebben veel moeite met het portfolio voor deze co-schapplaats, de twee sluiten niet op elkaar aan. Zowel de Defensie in Nederland als op Aruba worden als een goede, leuke leeromgeving beoordeeld.

      Sportgeneeskunde (13)
      Bij de KNVB te Zeist zouden de co-assistenten graag meer zelfstandigheid willen. Ook geven studenten aan dat ze zich bij deze stageplaats onvoldoende voorbereid voelen. De co-schappen zelf worden als leerzaam en interessant omschreven en de begeleiding als vriendelijk.
      Management en beleid (9)
      Co-assistenten weten vaak niet wat er bij dit co-schap van hen verwacht wordt. FSMI wordt als een goede stageplek beoordeeld.